Met onderstaand stappenplan kunnen organisaties de overstap gestructureerd voorbereiden én versnellen.
1. Bepaal een harde einddatum
Begin met een duidelijk besluit. Leg bestuurlijk vast:
- vanaf welke datum uitsluitend volledig elektrische voertuigen worden besteld;
- wanneer het volledige wagenpark emissievrij moet zijn;
- welke voertuigcategorieën hieronder vallen;
- welke tijdelijke uitzonderingen mogelijk zijn.
Een doel als “we stimuleren elektrisch rijden” is te vrijblijvend. Een concrete doelstelling werkt beter:
Vanaf 15 november 2026 worden uitsluitend volledig elektrische voertuigen besteld ivm de aankomende pseudo eindregeling per 1 januari 2027.
Zonder harde einddatum blijft fossiel vaak de makkelijke uitweg.
2. Maak een volledige nulmeting
Breng per voertuig minimaal in kaart zoals: kenteken, brandstofsoort en voertuigcategorie, eigenaar of leasemaatschappij, contracteinddatum, jaarkilometrage, dagelijkse en maximale ritafstand, standplaats en stilstandmomenten, brandstof-, onderhouds- en leasekosten en verwacht vervangingsmoment.
De uitkomst moet geen algemeen rapport zijn, maar een concrete vervangingskalender per voertuig. Voor organisaties die onder de rapportageverplichting werkgebonden personenmobiliteit vallen, kunnen veel van deze gegevens ook worden gebruikt voor de jaarlijkse WPM-rapportage.
3. Bepaal per voertuig de EV-geschiktheid
Kijk niet alleen naar het gemiddelde aantal kilometers, maar vooral naar het zwaarste normale gebruik.
Beoordeel per voertuig:
- de langste reguliere werkdag;
- routes en tussenstops;
- benodigd laad- of trekvermogen;
- laadmogelijkheden thuis, op kantoor en onderweg;
Deel voertuigen vervolgens in vier categorieën:
- direct vervangbaar;
- vervangbaar na realisatie van een laadvoorziening;
- vervangbaar na aanpassing van route of proces;
- tijdelijke uitzondering.
Begin niet automatisch met het voertuig dat als eerste uit contract loopt. Prioriteer de voertuigen waarbij praktische haalbaarheid, kostenbesparing en CO₂-reductie het beste samenkomen.
4. Bereken de businesscase op basis van TCO
Vergelijk elektrisch en fossiel niet alleen op leaseprijs, maar op totale gebruikskosten.
Neem onder meer mee: lease of afschrijvin, rente en restwaarde, energie of brandstof, onderhoud en banden, verzekering en belastingen, laadvoorzieningen, laadpas- en transactiekosten, thuislaadvergoedingen, kosten van stilstand en mogelijke opbrengsten uit Emissie Reductie Eenheden. Door brandstof- en laadkosten mee te nemen in het normbudget ontstaat vaak meer ruimte voor elektrische voertuigen dan op basis van de kale leaseprijs zichtbaar is.
Werk minimaal met drie scenario’s en denk hierbij aan de aankomende extra heffing van de pseudo eindregeling (https://ondernemersplein.overheid.nl/wetswijzigingen/extra-belasting-op-uitstotende-leaseautos/):
ScenarioOmschrijving:
1. Natuurlijk; Vervangen bij regulier contracteinde
2. Versneld; Eerder vervangen waar dit financieel verantwoord is
3. Volledig EV; Harde einddatum, inclusief afkoop en tussentijdse wissels
5. Maak een voertuig- en contracttransitieplan
Zet alle voertuigen op een tijdlijn en bepaal per voertuig: gewenste vervangingsdatum, geschikt elektrisch alternatief, eventuele contractafkoop, mogelijke inzet als poolauto, doorschuiven naar een andere berijder, verkoop of inlevering of benodigde laadoplossing.
De snelste route is meestal een combinatie van maatregelen:
- geen nieuwe fossiele voertuigen meer bestellen;
- fossiele contracten niet onnodig verlengen;
- voertuigen met hoge uitstoot of hoge kilometrages versneld vervangen;
- vrijkomende EV’s intern herplaatsen;
- tijdelijke contracten gebruiken voor uitzonderingssituaties.
6. Pas het mobiliteits- en autobeleid aan
Een EV-transitie zonder aangepast beleid leidt vrijwel altijd tot discussie en uitzonderingen.
Leg minimaal vast:
- uitsluitend volledig elektrische voertuigkeuze;
- minimale actieradius en laadcapaciteit;
- regels voor thuisladen, openbaar laden en snelladen;
- hoogte en verwerking van thuislaadvergoedingen en ERE-compensatie;
- aanvraag en eigendom van een thuislaadpunt;
- beleid bij verhuizing of uitdiensttreding;
- voorkeurslaadlocaties;
- regels voor blokkeer- en parkeertarieven;
- vakantie en internationaal gebruik;
- uitzonderings- en escalatieprocedure.
Een keuzelijst met tien elektrische auto’s en daarnaast nog één benzineauto is geen EV-only beleid. Het is een ontsnappingsroute.
7. Ontwerp de laadstrategie vóór de voertuigbestelling
Bepaal per voertuig waar hoofdzakelijk wordt geladen of waar je wil dat het voornamelijk wordt geladen:
- thuis;
- op kantoor of depot;
- bij klanten;
- openbaar;
- via snelladers onderweg.
Bereken vervolgens:
- het dagelijks benodigde aantal kWh;
- gelijktijdigheid van laden;
- benodigd laadvermogen;
- beschikbare netcapaciteit;
- aantal benodigde laadpunten;
- verwachte groei van het wagenpark;
- mogelijkheden voor load balancing;
- inzet van zonnepanelen, batterijopslag en slim laden.
Wacht hiermee niet tot de voertuigen zijn besteld. In veel gevallen vormen netcapaciteit, installatie en vergunningen een grotere bottleneck dan de beschikbaarheid van de auto zelf.
8. Selecteer voertuigen en leveranciers onafhankelijk
Vergelijk per gebruikersprofiel meerdere voertuigen en leveranciers op: TCO, praktijkactieradius, laadcurve en laadsnelheid, winterverbruik, laad- en trekvermogen, laadruimte, levertijd, contractvoorwaarden, onderhoud en pechservice en vervangend vervoer.
Voorkom dat één leasemaatschappij, laadpasprovider of automerk bepaalt hoe de transitie wordt ingericht. Het beleid en de gebruikersbehoefte moeten leidend zijn. Leveranciers horen daarop aan te sluiten, niet andersom. En er is veel aanbod.
9. Start met een gecontroleerde pilot
Selecteer een representatieve groep van ongeveer 5% tot 15% van het wagenpark.
Neem daarin bijvoorbeeld op: veelrijders, medewerkers zonder eigen oprit, verschillende vestigingen, verschillende voertuigcategorieën en kritische of sceptische medewerkers.
Meet tijdens de pilot oa.: praktijkverbruik, werkelijk bereik, laadlocaties, laadkosten per kWh, aandeel snelladen, beschikbaarheid van laadpunten. Een pilot moet besluitvorming versnellen, niet uitstellen. Bepaal daarom vooraf wanneer de pilot geslaagd is en wanneer de bredere uitrol start.
10. Richt communicatie en begeleiding in
Medewerkers moeten vooraf weten: WAAROM de organisatie overstapt, WANNEER zij aan de beurt zijn, HOE laden en vergoeden en welke ONDERSTEUNING ze krijgen in laadpassen, thuisladen, interne hulp, etc, Proefritten en praktische kennismakingsdagen verlagen de overstapdrempel. Duidelijke afspraken over thuisladen en vergoedingen voorkomen veel weerstand. Maak daarbij onderscheid tussen echte operationele beperkingen en algemene bezwaren. “Ik rijd soms naar Frankrijk” is geen analyse. Hoe vaak? Welke afstand? Welke route? En welke laadmogelijkheden zijn daar beschikbaar?
11. Rol uit in vaste vervangingsgolven
Werk bijvoorbeeld met kwartaalgolven:
- voertuigen selecteren;
- berijders informeren;
- laadmogelijkheden controleren;
- voertuig en laadpunt bestellen;
- contract vastleggen;
- voertuig uitleveren;
- laadpas en app activeren;
- gebruik na 30 en 90 dagen evalueren.
Maak per kwartaal zichtbaar:
- aantal fossiele voertuigen;
- aantal elektrische voertuigen;
- percentage elektrisch;
- geplande vervangingen;
- vertragingen;
- laadgereedheid;
- budget versus realisatie.
Zo wordt de transitie bestuurbaar en blijft zichtbaar waar bijsturing nodig is.
12. Stuur actief op laadkosten en gebruik
Na de overstap begint het echte beheer.
Monitor onder andere:
- kosten per kWh;
- verhouding thuis, kantoor, openbaar en snelladen;
- piek- en blokkeertarieven;
- afwijkende laadsessies;
- laadkosten per voertuig en medewerker;
- stroomverbruik ten opzichte van gereden kilometers;
- bezettingsgraad van laadpunten;
- beschikbaarheid van het wagenpark.
Bedrijven met eigen laadpunten kunnen onder voorwaarden profiteren van Emissie Reductie Eenheden. Ook dat vraagt om goede registratie en betrouwbare laaddata.
De zes belangrijkste versnellers
Wie niet alleen wil elektrificeren, maar ook wil versnellen, doet er goed aan deze maatregelen direct door te voeren:
- Stel direct een EV-only bestelbeleid in.
- Maak één vervangingskalender voor lease- én koopvoertuigen.
- Benader contracten die binnen 24 tot 36 maanden eindigen proactief.
- Start onderzoek naar laadinfra en netcapaciteit vóór de voertuigbestelling.
- Maak uitzonderingen tijdelijk, schriftelijk en voorzien van een einddatum.
- Stuur maandelijks op voortgang, TCO, laadkosten en knelpunten.
Elektrificatie is geen inkoopproject
De kern is simpel: elektrificatie is geen inkoopproject, maar een combinatie van beleid, contractbeheer, energie, infrastructuur, medewerkers en data. Wie alleen elektrische auto’s bestelt, krijgt een elektrisch wagenpark met fossiele processen eromheen. Dat is duurder, minder schaalbaar en moeilijker te beheren. Fleet brengt voertuigen, contracten, laadkosten, beleid en data samen in één onafhankelijk platform. Daarmee ontstaat niet alleen inzicht in de overstap naar elektrisch rijden, maar ook de regie om die overstap daadwerkelijk uit te voeren en bij te sturen.


